De mens in het industrieel milieu

Azië



OUDE EN NIEUWE TIJGERS IN ZUIDOOST-AZIË
De industriële ontwikkeling verloopt in Azië in fasen. Eerst kwam Japan door vooral steun van de USA, daarna kwamen Hong-Kong, Singapore, Taiwan, Zuid-Korea aan de beurt en dit dankzij kapitaal uit Europa, USA en Japan. Deze 1ste groep noemt men de oude tijgers. Later kwamen er nieuwe tijgers Indonesië, Maleisië en Thailand. Na 2000 zijn het India maar vooral China die een zeer sterke industriële ontwikkeling kennen. Door muntontwaarding, minder export, sluiting van fabrieken, stijging van de werkloosheid was er vanaf 1997 een economische crisis bij de meeste oude en jonge tijgers. Kwam daar ook nog in 2008-2009 de wereldwijde bankencricis bij.

CHINA

Geografie
De Chinese Volksrepubliek (VRC) bestrijkt een oppervlakte van 9,6 miljoen km2. Hiermee is China ongeveer 215 keer groter dan België en qua oppervlakte het vierde grootste land ter wereld. China meet van noord naar zuid circa 4.000 kilometer en van west naar oost ongeveer 4.800 kilometer. Doordat het land bergachtig is en het transportsysteem niet optimaal is, veroorzaken de grote afstanden aanzienlijke economische, logistieke en zelfs politieke problemen. De grote uitgestrektheid van China maakt het moeilijk vanuit de hoofdstad Beijing een sterk centraal gezag uit te oefenen. De Volksrepubliek grenst over een afstand van 20.000 kilometer aan veertien buurlanden. Met verschillende daarvan zijn er geregeld grensgeschillen. In het noorden liggen de buurlanden Rusland en Mongolië. Aan de noordoostgrens ligt Noord-Korea. In het westen liggen Kazachstan, Tadzjikistan, Kirgizië, Afghanistan, Pakistan en India. Ten zuidwesten grenzen Nepal en Bhutan aan China. Ten zuiden van de grens liggen Myanmar, Vietnam en Laos. In het oosten grenst China aan zee; de kustlengte bedraagt 18.000 kilometer. China beschikt over zes van de tien belangrijkste havens ter wereld. In de territoriale wateren, die rijk zijn aan vis, liggen circa 5.400 eilanden en eilandjes. Deze eilandjes hebben tezamen een kustlijn van 12.000 kilometer. In de Zuid-Chinese Zee bezit China de strategisch belangrijke Xishaqundao (Paracel) Eilanden. De Nansha (Spratly) Eilanden worden ook geclaimd door diverse Aziatische landen. Qua reliëf is China te vergelijken met een trap met drie treden. De hoogste trede, het plateau van Qinghai-Tibet, ligt in het westen en zuidwesten. Dan is er een gebied van hoogvlakten en dalen, in hoogte variërend van 1.000 tot 2.000 meter, dat naar het oosten geleidelijk lager wordt, zoals het plateau van Yunnan-Guizhou en het vruchtbare Sichuan-bassin. Een deel van oostelijk China, de laagste trede, ligt lager dan 500 meter en heeft de hoogste bevolkingsdichtheid. Hier zijn de rivieren bevorderlijk voor de landbouw. Zij zorgen voor rijke oogsten, maar ook voor overstromingen. Een enkele keer drogen ze geheel op, waardoor voedselschaarste ontstaat. China wordt daarom wel gekarakteriseerd als een land dat ofwel lijdt aan een overschot ofwel aan een tekort aan water.

Tijdzones
China hanteert één tijdzone (meetpunt is Beijing), terwijl het land in verschillende zones valt. De Chinese standaardtijd is Greenwich Mean Time +8 uur. Het is in China 7 uur later dan in België. Tijdens de zomer is het 6 uur later dan in Belgie. Het kan zijn dat mensen en bedrijven in bepaalde gebieden - ver van Beijing - zich aanpassen aan de factor licht (dag) en donker (nacht).

Klimaat
China heeft een landklimaat met extreme verschillen, variërend van gematigd in het noorden tot subtropisch in de zuidelijke provincies.De noordelijke winters zijn lang en koud, met temperaturen van -10°C tot -1,7°C in Beijing en van -16,7°C tot -6,6°C in Shenyang. De zomermaanden zijn in het noorden heet en droog. Het klimaat in Centraal-China is overwegend subtropisch. De zuidoostelijke provincies hebben een tropisch klimaat met de moesson in de zomer. Aan de kust van zuidelijk China komen in de zomer tyfoons frequent voor. Barre weersomstandigheden doen zich voor in Binnen-Mongolië en Xinjiang, waar veel droge vlaktes en woestijnen te vinden zijn. In de meeste gebieden is januari de koudste maand en juli de warmste. Ongeveer 80 procent van de neerslag valt tussen mei en oktober, waarbij juli en augustus doorgaans de natste maanden zijn.

Gemiddelde temperatuurverschil in China's grootste steden
StedenGemiddelde temperatuur in januariGemiddelde temperatuur in juliJaarlijks temperatuurverschil
Beijing4,8°C25,8°C30,6°C
Shanghai3,5°C28,0°C24,5°C
Qingdao-1,1°C 23,7°C24,8°C
Guangzhou13,7°C28,3°C14,6°C
Wuhan2,7°C29,1°C26,4°C
Urumqi -15,8°C23,9°C39,7°C
Shenyang -13,0°C24,9°C37,9°C


Extra uitleg over China. Klik hier.

VANAF EIND AUGUSTUS 2015 WAS ER IETS GRONDIG MIS MET DE CHINESE ECONOMIE
De effectenbeurs in de VS dook zwaar in het rood, de olieprijs stuikte ineen... Dat had allemaal te maken met de diepe crisis die China trof. Na topjaren waarin China verschroeiend groeide, leek er een einde te komen aan het feestje. Want hoe lang kon de Chinese overheid nog haar beurzen blijven ondersteunen? Niemand die het wist, maar iedereen had schrik. De industriële productie kreeg een tik: de vraag stokte, de productie was in de laatste zes en een half jaar nog nooit zo fel gekrompen. Zowel de binnenlandse vraag als de export waren fel afgenomen. Het was het zoveelste nieuws dat het niet goed ging met de tweede economie ter wereld. De renminbi devalueerde: ineens was de Chinese munt minder waard. En een paar keer stuikte de Chinese beurs al bijna in, om dan miraculeus, na een injectie van de Chinese overheid terug rechtop te staan. Maar de vraag was voor iedereen: hoe lang is dat nog houdbaar? De beurzen reageerden alvast duidelijk op die vraag: ze gingen allemaal in het rood, want ze vertrouwde de zaak niet. In Japan ging de beurs 2 procent achteruit, in Zuid-Korea 2,2 procent. Ook Wall Street sloot fors lager, op een dieptepunt voor 2015. Olie, gas, mineralen: alle prijzen waren ineen gezakt. Hetzelfde gold voor olie, gas en andere delfstoffen: de Chinezen namen jarenlang gretig alles af wat anderen uit de grond haalden. Maar als de Chinese economie ineen dreigde te zakken, stuikten die prijzen in. Olie had in de laatste 26 jaar nog nooit zo'n lange dip gekend. De plotse devaluatie van de Cinese munt had velen wakker gemaakt. Want de Chinezen spraken zelf over "een technische correctie, deel van een hervormingsproces", maar niemand geloofde dat. De doelstelling van 7 procent groeide dat jaar (nog altijd een gigantisch cijfer) was ook ongeloofwaardig geworden. Eén van de problemen was dat niemand echt de cijfers van de Chinezen geloofde. Economen schatten het werkelijke groeicijfer eerder in op de helft van die 7 procent. En was een feit dat de Chinese banken gigantische sommen hadden uitgeleend om de economie zo snel en agressief te doen groeien. Maar een pak van die leningen konden nooit terugbetaald worden. Onderliggend was er bekommernissen over de Chinese vastgoedprijzen, die gigantisch omhoog geschoten waren. Als die bubbel zich agressief corrigeerde, kan de Chinese overheid dan wel nog echt ingrijpen?

De Chinese economie werd in 2003 hard geraakt door de uitbraak van de gevaarlijke longziekte SARS. De economische groei in het tweede kwartaal van 2003 bedroeg 6,7%, het laagste groeitempo sinds 1992. SARS had vooral invloed op de dienstensector en het passagiersvervoer, dat zowel over land als via de lucht drastisch afnam. De economie van China is de laatste tijd indrukwekkend gegroeid. Het inkomen per hoofd van de bevolking is in 2013 gestegen tot $ 9.800 per hoofd van de bevolking. De economische groei bedraagt de laatste 10 jaar rond de 10 % per jaar. De Chinese economie lijkt de coronacrisis grotendeels te hebben overwonnen en is het jaar begonnen met een recordgroei. De op een na grootste economie van de wereld groeide het eerste kwartaal met 18,3 procent in vergelijking met de eerste drie maanden van 2020. Het is de grootste toename sinds het land ruim dertig jaar geleden is begonnen met het bijhouden van de kwartaalcijfers.

Economische vooruitzichten
De Chinese economie heeft aanzienlijke gevolgen ondervonden van de wereldwijde crisis gelinkt aan het Covid-19 virus. Dankzij de zeer strenge maatregelen die China doorvoerde, kon het land aanvankelijk vrij snel de Covid-19 crisis onder controle krijgen en de productie hervatten.
Nu blijkt echter dat, ondanks deze zeer strenge maatregelen om consequent het zero-Covid beleid te handhaven, systematisch nieuwe haarden van Covid besmettingen blijven opduiken, vooral sinds de komst van de Omicron variant. Dat betekent telkens weer min of meer kortstondige lockdowns, reisbeperkingen, enz., met uiteraard ook een impact op productie, logistiek en consumptie.
Toch slaagde China er ook in 2021 in om een BBP van 114,367 triljoen CNY neer te zetten, wat een groei betekende van 8,1 %. De economische groei van China zou in 2022 vertragen naar tussen de 2,2 en 4,1 procent. Het gemiddelde voorspelde groeicijfer komt uit op 3,2 procent dit jaar. Dat komt door een aantal factoren, waaronder het “Zero COVID”-beleid en een kredietcrisis die de vastgoedmarkt parten speelt.
Het gemiddelde voorspelde groeicijfer voor 2023 is 4,9 procent. Het jaar erop zou dat nog zakken naar 4,7 procent. Terwijl dit in vergelijking met bijvoorbeeld Europa niet slecht klinkt, is het toch een trendbreuk met de forse groei van de afgelopen jaren.
China gaat verder in de versterking van de markteconomie en de hervorming van de markt van de groei-ondernemingen: 5G, ultra-high voltage grids, intercity hogesnelheidstreinen, internet healthcare, online education, intelligent tourisme en intelligent sports maken daar een integraal deel van uit.

Toch laat de aanslepende pandemie zich steeds duidelijker voelen:
  1. In maart 2022 bedroeg de stedelijke werkloosheidsgraad 5,8%. In november 2022 zakte dit lichtjes naar 5,5%.
  2. De zwaarst getroffen industrieën worden sinds kort gedeeltelijk ondersteund door de lokale overheden, alhoewel dit telkens beperkt is en erg plaatselijk bepaald.
  3. In april 2022 kondigde de Centrale Overheid bijkomende maatregelen aan om de consumptie te stimuleren, met name een bevorderde consumptie van commodity goods, cleantech, belastingsvrije winkels, auto-aankoop etc. Verder kunnen bedrijven genieten van gedaalde intrestvoeten bij de bank, verlaagde overheidstaksen, verminderde sociale bijdragen en meer steunkrediet.


BEIJING:
chemicaliën, auto’s, machines, metallurgie, textiel en elektronica.

BINNEN MONGOLIË:
veeteelt, bosbouw, akkerbouw, voedselverwerking, raffinage van grondstoffen, diverse lichte industrieën.

HEILONGJIANG:
olie, steenkool, staal, zware machines, papier, voedingsmiddelen, farmacie.

LIAONING:
petrochemie, metallurgie, machines, elektronica, schepen, bouwmaterialen, luchtvaart.

JILIN:
landbouw, auto’s, chemie, ijzer, staal, non-ferro, olie, voedingsmiddelen.

HEBEI:
graan, katoen, glas, textiel, machines.

TIANJIN:
petrochemie, auto’s, auto-onderdelen, metallurgie, elektronica, staal.

SHANDONG:
staal, steenkool, petrochemie, bouwmaterialen, consumentenelektronica, textiel, graan, rijst, maïs, visserij.

JIANGSU:
machines, textiel, elektronische componenten, eindproducten en metaalhalffabrikaten, voedselverwerking, petrochemie, elektronica.

CHANGHAI:
financieel- en dienstencentrum, auto’s, petrochemie, elektronica, ijzer, staal, zware machines, elektrische apparaten.

ZHEJIANG:
havens, schoenen, kleding, plastic speelgoed, kleine huishoudelijke artikelen, chemie, telecommunicatieapparatuur, machines, citrusvruchten, zijderupsen, thee.

FUJIAN:
havens, voedselverwerking, textiel, elektronische halffabrikaten, petrochemie, auto’s, bouwmaterialen, elektronica, landbouwproducten.

GUANGDONG:
assemblage, elektronica, speelgoed, kleding.

HAINAN:
koffie, thee, rubber, kokosnoten, suikerriet, peper, metaalbewerking, petrochemie, farmacie, chemie, voedselverwerking, elektronica.

GUANGXI:
fruit, suikerriet, bananen, non-ferro-producten, bouwmaterialen, textiel, kolen, ijzer, staal.

GUIZHOU:
landbouw, tabak, kolen, diverse mineralen.

JIANGXI:
hout, bamboe, textiel, papier, chemie, elektronica.

YUNNAN:
landbouw, tabak, suiker, koffie, koper, zinksmelterijen.

SICHUAN:
energie, metaal, mijnbouw, chemie, machines, luchtvaart, ruimtevaart, elektronica, graan, varkens, natuurlijke olie, medicinale kruiden, raapzaad, katoen, suiker, thee, sinaasappelen, natuurlijke zijde, houtolie, ijzer, staal, machines, elektrische machines.

CHONGQING:
machines, chemie, metallurgie, textiel, elektriciteit, elektronica,

SHAANXI:
machines, textiel, vliegtuigen, elektronica, militaire producten.

SHANXI:
kolen, ijzer, cokes, chemie.

HENAN:
graan, katoen, tabak, goud, kolen.

HUNAN:
rijst, antimonium, wolfram, fluoride, loos, zink, grafiet, kwik, machines, landbouwvoertuigen, locomotieven, zware gereedschappen, kunstmest, cement.

HUBEI:
staal, auto’s, mechanica, bouwmaterialen, chemicaliën, textiel.

TIBET:
veeteelt, toerisme.

QINGHAI:
petrochemie, chemie, textiel, metaalbewerking, leer, machines.

XINGJIANG:
katoen, olie, aardgas.

NINGXIA:
steenkool, graan, olie.

GANSU:
nikkel, platina, olie, steenkool.

Voor meer uitleg over de Chinese economie. Klik hier.

HET SEABOARD-PROJECT IN THAILAND
Thailand produceert vooral consumptiegoederen, voedselconserven, meubels, textiel, leder, plastiek. Tevens worden er veel kapitaalgoederen gemaakt: motoren, machines, elektonische fabrikaten en toeleveringsproducten voor de auto-industrie. De meeste industriegebieden liggen langs de zee, in de nabijheid van havens. Zulke gebieden noemt men SEABOARDS. De industriële ontwikkeling ligt vooral in en rond Bangkok. Het aantal inwoners in de agglomeratie Bangkok wordt geschat op zo'n 25 miljoen (2023).

Economie van Thailand is afhankelijk van de export, die in 2021 goed was voor ongeveer 58 procent van het bruto binnenlands product (bbp) van het land. Thailand zelf is een nieuw geïndustrialiseerd land, met een bbp van 17,367 biljoen baht (495 miljard dollar) in 2022, de negende grootste economie van Azië. Vanaf 2018 kent Thailand een gemiddelde inflatie van 1,06% en een rekeningoverschot van 7,5% van het bbp van het land. De munteenheid, de Thaise Baht, stond in 2017 op de tiende plaats van meest gebruikte betalingsvaluta ter wereld.

BBP per sector
Landbouw: 8,4%
Industrie: 39,2%
Diensten: 52,4%

Exporteert $ 287,07 miljard (2022)
Goederen exporteren: machines (23%), elektronica (19%), voedingsmiddelen en hout (14%), chemicaliën en kunststoffen (14%), auto's en auto-onderdelen (12%), steen en glas (7%), textiel en meubels (4 %)

De industriële en dienstensectoren zijn de belangrijkste sectoren van het Thaise bruto binnenlands product, waarbij de eerstgenoemde 39,2 procent van het bbp voor zijn rekening neemt. De Thaise landbouwsector produceert 8,4 procent van het bbp – minder dan de sectoren handel, logistiek en communicatie, die respectievelijk 13,4 procent en 9,8 procent van het bbp voor hun rekening nemen. De bouw- en mijnbouwsector draagt ​​4,3 procent bij aan het bruto binnenlands product van het land. Andere dienstensectoren (waaronder de financiële sector, het onderwijs en de hotel- en restaurantsector) zijn goed voor 24,9 procent van het bbp van het land. Telecommunicatie en de handel in diensten zijn in opkomst als centra van industriële expansie en economisch concurrentievermogen.

Thailand is na Indonesië de grootste economie van Zuidoost-Azië. Het BBP per hoofd van de bevolking bedraagt ​​247.828 baht (7.069 dollar) in 2022 en staat op de vierde plaats in het BBP per hoofd van de bevolking in Zuidoost-Azië, na Singapore, Brunei en Maleisië.

Meer gegevens over Zuidoost-Azië. Klik hier.
Lijst van landen naar bruto nationaal product per hoofd van de bevolking Klik hier.
BNP per land - Vergelijkende Kaart - Wereld. (2017) Klik hier.

JAPAN

Geografie
Japan is een langgerekte archipel van 6.852 eilanden die verspreid liggen over een lengte van 3.300 kilometer, vanaf Taiwan tot aan de Russische Koerilen. Het land kent een totale kustlijn van 33.889 kilometer en telt een landoppervlakte van 377.915 km2. De bergachtige structuur heeft de bevolking gedwongen de laagvlaktes zeer intensief te benutten. De vlaktes langs de Stille Oceaan en de Setonaikai (Binnenzee) zijn het grootst en daardoor het meest bruikbaar voor bebouwing.

Japan wordt in hoofdzaak gevormd door enkele grote eilanden, die samen 98 procent van de oppervlakte beslaan:

Hokkaido
Op dit eiland woont slechts 5 procent van de bevolking, hoewel het 22 procent van de totale oppervlakte van Japan uitmaakt. Dankzij de landbouw, veeteelt en visserij is het de belangrijkste voedselproducent van het land. Daarnaast werkt de overheid er volgens een tienjarenplan, zowel centraal als regionaal, aan de ontwikkeling en verbetering van de industriële infrastructuur.

Honshu
Honshu is opgedeeld in vijf regio's (Tohoku, Kanto, Chubu, Kinki en Chugoku). Honshu is in economisch opzicht het belangrijkst. Zo'n 80 procent van de Japanse bevolking woont er. Op dit eiland bevinden zich de voornaamste havens en luchthavens en de grote industriële centra, geconcentreerd in het Kantogebied (rond Tokio) en het Kansaigebied (rond Kyoto-Osaka).

Shikoku
Op Shikoku is landbouw de belangrijkste economische activiteit.

Kyushu
Op Kyushu is rond Kitakyushu een concentratie van zware industrie te vinden. Het eiland is door een brug en een tunnel verbonden met Honshu en heeft een directe spoorwegaansluiting met het Kansai- en Kantogebied.

Ryukyu-eilanden
De Ryukyu-eilanden (Okinawa) stonden tot 1972 onder Amerikaans bestuur. De meeste eilanden zijn bewoond en het toerisme is de voornaamste bron van inkomsten.

Japan is voor meer dan 70 procent bergachtig, met toppen van 2.000 meter of hoger. De berg Fuji is met 3.776 meter de hoogste. Er zijn tientallen actieve vulkanen die regelmatig tot uitbarsting komen. Het land kent vele warmwaterbronnen. Jaarlijks komen er gemiddeld 7.500 aardschokken voor, maar hiervan wordt slechts een deel door de mens waargenomen. Het centrum van de bevingen bevindt zich meestal in oceaantroggen, wat kan leiden tot vloedgolven tot tien meter hoog.

Klimaat
Japan ligt in de noordelijke gematigde luchtstreek, waardoor het klimaat over het algemeen mild is. Als gevolg van de geografische spreiding over 22 breedtegraden zijn er echter plaatselijk grote verschillen. Op het noordelijke eiland Hokkaido sneeuwt het ten minste twee maanden per jaar en komt de temperatuur in januari niet boven het vriespunt. Op het zuidelijke eiland Kyushu daarentegen heerst in het zuidoostelijke deel een aanzienlijk milder klimaat; er valt zelden sneeuw en de temperatuur in januari is gemiddeld 7°C.

Ondanks deze verschillen zijn in Japan vier seizoenen te onderscheiden:
In de lente, van maart tot en met mei, varieert de temperatuur van 6°C op Hokkaido tot 20°C op Kyushu. Van grote betekenis voor de Japanner is de kersenbloesemtijd, die laat in maart of vroeg in april begint.
De zomer, van juni tot en met augustus, begint met een regenperiode die ongeveer drie weken duurt. Ook na deze periode is de luchtvochtigheid nog hoog; deze bedraagt dan circa 80 procent. De temperatuur varieert van 16°C tot ver boven de 30°C, wat in combinatie met de hoge luchtvochtigheid uiterst onaangenaam is.
De herfst, van september tot en met november, is net als de lente qua temperatuur de beste periode om naar Japan te reizen. De temperaturen lopen in dat jaargetijde uiteen van 10 tot 23°C. Van augustus tot oktober wordt de archipel regelmatig geteisterd door tyfoons.
In de winter, van december tot en met februari, kan in het midden en noorden van het land vaak worden geskied. In het zuiden kan de temperatuur worden vergeleken met de wintertemperaturen in Zuid-Europa.

In de hoofdstad Tokio is de warmste maand augustus met een gemiddelde temperatuur van 30,8°C; de koudste maand is januari met een gemiddelde temperatuur van 9,8°C. In Tokio valt de minste regen in januari: gemiddeld 49 mm; de natste maand is er september, met gemiddeld 209 mm regen.

Tijdzone
De lokale tijd in Japan is GMT +9. Het tijdverschil tussen België en Japan is in de winter 8 uur en in de zomer 7 uur. Japan kent geen verschil tussen zomer- en wintertijd.

Economische vooruitzichten
In de jaren '80 van de vorige eeuw leidde een ongebreidelde financiering van vastgoed- en andere beleggingsprojecten door de bankensector tot een economische zeepbel in Japan. Toen deze barstte, drong zich in de jaren'90 een grondige hervorming van de financiële sector op, die ongeveer 10 jaar in beslag nam. Dankzij die hervorming bleken de Japanse banken aardig bestand tegen de wereldwijde financiële crisis die uitbrak eind 2008. Beleggers vluchtten massaal naar de Japanse yen, die opwaardeerde van 169 yen per euro in juli 2008 naar 95 in juli 2012. Ook nu nog behoudt de yen het imago van een veilige munt, die in troebele tijden als vluchtweg kan gebruikt worden.

Covid-19 bracht een harde slag toe aan de economische activiteit in Japan. Volgens het IMF kelderde het Japanse BNP in reële cijfers met -4,5%. In 2021 kon de economie zich gedeeltelijk herstellen. Het BNP tekende een groei op van 1,6%, aangedreven door een sterke toename in de export en in de consumptie van de private en publieke sector. Een groei in investeringsuitgaven bleef echter uit, wat wijst op een gevoel van onzekerheid bij de economische actoren. Het IMF verwacht een verder herstel van de economische activiteit in 2022 met een reële groei van 2,4%.

Extra uitleg over Japan. Klik hier.

INDIA

India is met een oppervlakte van bijna 3,3 miljoen km2 het op zes na grootste land ter wereld. Daarbij inbegrepen is een groot deel van Jammu en Kasjmir in het uiterste noorden, waarover de territoriale rechten zowel door Pakistan als door India worden geclaimd. Globaal gezien ligt India tussen het Himalayagebergte en de Indische Oceaan. Het land grenst in het noordwesten aan Pakistan (2.912 kilometer); in het noorden aan Nepal (1.690 kilometer), Bhutan (605 kilometer) en de Chinese provincie Xizang of Tibet (3.380 kilometer); in het noordoosten aan Myanmar of Birma (1.463 kilometer) en in het oosten aan Bangladesh (4.053 kilometer). De rest van het land wordt omgeven door de Arabische Zee in het westen en de Golf van Bengalen in het oosten (in totaal 7.000 kilometer).
Geografisch is India te verdelen in drie natuurlijke regio's: het Himalayagebergte in het noorden met enkele van de hoogste toppen ter wereld, de grote vlaktes van de rivieren de Indus en de Ganges, en de grote plateaus van het zuidelijke gedeelte van het schiereiland, dat bestaat uit zeer oude geologische formaties.

Het klimaat is voornamelijk tropisch, met uitzondering van bijvoorbeeld de Himalaya. De temperatuur verschilt echter van maand tot maand per gebied: in en rond Mumbai (Bombay) aan de westkust heerst een tropisch klimaat. Het weer is hier redelijk aangenaam en vrij constant door de verkoelende zeewind. Van november tot februari bedraagt de gemiddelde temperatuur 20°C. Gedurende de periode van april tot juni loopt de temperatuur op tot omstreeks 33°C. Van half juni tot eind september heerst de zuidwestmoesson en regent het flink.
In New Delhi bestaat een groot verschil tussen zomer en winter. Gedurende de wintermaanden (januari-februari) daalt de temperatuur 's nachts tot omstreeks 5°C. In de maanden mei en juni kunnen de temperaturen echter oplopen tot 40°C of meer. Van juli tot september is het er doorgaans regenachtig en liggen de temperaturen tussen 22 en 32°C.
Kolkata (Calcutta) en de Bengaalse vlakte kennen in de winter (november tot februari) aangename temperaturen tussen de 15 en 24°C. Van maart tot juni is het droog en heet met temperaturen rond de 40°C. Het regenseizoen duurt er van half juni tot half september. Het is er dan zeer vochtig met temperaturen tussen de 30 en 35°C.
Een vergelijkbaar patroon geldt ook voor de Zuid-Indiase steden Hyderabad en Chennai (Madras). Gematigde temperaturen in de maanden november tot en met februari, heet in april en mei en vochtig en warm in de periode van juli tot en met oktober.
Het hoger gelegen Bangalore heeft een betrekkelijk gelijkmatig klimaat. De gemiddelde temperatuur in de koudste maand (januari) bedraagt ongeveer 20°C, in de warmste maand (april) ligt die bij ongeveer 27°C.
In heel India geldt de zogenaamde Indian Standard Time (IST). Het is in vergelijking met België 4,5 uur later (in de periode dat in België de zomertijd geldt, is dit 3,5 uur).

Economische vooruitzichten
India is één van de snelst groeiende grote economieën ter wereld. Het is eveneens één van de meest diverse landen ter wereld met vele regionale culturele verschillen. India wordt gezien als een land met belangrijke opportuniteiten omwille van een hoge economische groei, een groeiende middenklasse en enkele belangrijke sociale hervormingen. De pandemie heeft de economische groei vertraagd maar de regering heeft een relance plan opgesteld om de economie op gang te houden/krijgen.

Het land heeft een heel aantal troeven:
  1. Het ondernemen zit er bij Indiërs ingebakken.
  2. Ongeveer de helft van de bevolking is onder 25 jaar en velen hebben een degelijke opleiding genoten.
  3. Een groot gedeelte van de bevolking is arm, dus het groeipotentieel is enorm.
  4. Heel wat Indiërs spreken vloeiend Engels wat voordelig is tijdens het zaken doen.


De regering was succesvol op veel vlakken en op 23 mei 2019 werd de Bharatiya Janata Party (BJP) van premier Narendra Modi met een overweldigende meerderheid voor een periode van 5 jaar herverkozen.
Tijdens de verkiezingscampagne werden beloftes gedaan betreffende de ondersteuning van de agrarische sector, belangrijke infrastructuurwerken en bijkomende en verdere steunmaatregelen voor industriële en exportgeoriënteerde sectoren, net als belastingmaatregelen ten voordelen van de groeiende middenklasse.

Pre-covid vertoonde de economie al een vertraagde groei. De verkoop van wagens zat in het slop. Er werd toen een relance plan opgesteld dat verder werd uitgebreid naar aanleiding van de pandemie. Deze relance campagne werd gelanceerd onder de naam “Aatma Nirbhar Bharat Abhiyaan (self reliant India). Het is de bedoeling om India een groter en belangrijker onderdeel van de wereldeconomie te maken. Het gaat officieel niet om protectionisme maar veel maatregelen die genomen worden neigen wel in die richting.
Door de pandemie beseffen bedrijven dat te afhankelijk zijn van één land tot grote problemen kan lijden. India probeert investeerders aan te trekken die hun productie willen wegnemen uit China. Door spanningen aan de grens met China in juni 2020, is het anti-Chinese sentiment sterk aangewakkerd.
In het eerste kwartaal van 2020 daalde het BNP met 23.90%. Dit was de eerste keer dat India dit meemaakte in meer dan 40 jaar. In 2020 daalde het BNP met 7.1%. Voor 2021 wordt er een groei voorspeld van gemiddeld 9.9 % en een inflatie van 5%.

Het interim budget 2019-2020 van de regering Modi richtte zich voornamelijk op 3 zaken:
  1. Jaarlijkse inkomens tot 500 000 Rs (ongeveer 5620 euro) zijn vrijgesteld van inkomensbelasting.
  2. Landbouwers krijgen een jaarlijkse inkomenssteun van 6000 Rs (ongeveer 70 euro).
  3. Diverse stimulerende maatregelen ten voordele van de 300 miljoen mensen uit de middenklasse.


De agrarische sector heeft het sinds jaren moeilijk. Het is een sterk gereguleerde sector en veel boeren hebben financiële moeilijkheden. Bovendien zijn de bevoegdheden verdeeld tussen de centrale overheid en de staten. De regering Modi heeft in september 2020 nieuwe wetten goedgekeurd waarbij de boeren hun goederen vrij op de markt zouden kunnen verkopen in plaats van via een door de overheid gestuurd kanaal. Sinds maanden protesteren de boeren tegen deze wetten. Ze willen zekerheid dat de overheid hun goederen nog steeds zal aankopen tegen een vooraf bepaalde minimumprijs.

Extra uitleg over India. Klik hier.

ZUID-KOREA

Met een oppervlakte van ruim 99.000 km2 beslaat Zuid-Korea 45 procent van de totale oppervlakte van het Koreaanse schiereiland, waarvan het met Noord-Korea deel uitmaakt. In 1905 kwam Korea als een kolonie de facto onder Japans bestuur, gevolgd door een formalisering hiervan in 1910. De Japanners poogden daarna uit alle macht de Koreaanse identiteit uit te bannen door onder meer hun religie, taal en namen aan de Koreanen op te dringen. In 1945 werd het hele schiereiland van de Japanse bezetting bevrijd door westerse troepen vanuit het zuiden en door de Russen vanuit het noorden. Op de 38e breedtegraad gaven de Japanners zich voor wat het zuiden betrof over aan de Verenigde Staten en voor het noordelijk gedeelte aan de Sovjet-Unie.
Deze dubbele overgave aan de latere twee grootmachten vormde de kiem voor het ontstaan van de Republiek Korea (Zuid-Korea), die in 1948 werd uitgeroepen, en de tegelijkertijd gestichte Democratische Volksrepubliek Korea (Noord-Korea). Beide eisten de soevereiniteit over het hele schiereiland op, wat in juli 1950 in een burgeroorlog ontaardde. Zuid-Korea werd officieel gesteund door 'het Westen'; Noord-Korea werd, niet officieel, gesteund door de USSR en de Volksrepubliek China. Door interventie van VN-troepen, waaronder ook een Belgisch detachement, werd na ruim drie jaar strijd op 5 augustus 1953 een wapenstilstand gesloten. De toenmalige frontlijn op de 38e breedtegraad werd tot gedemilitariseerde zone verklaard. Tot nu toe vormt deze 238 kilometer lange, smalle zone de grens tussen de twee Koreaanse republieken, die nog altijd geen vredesverdrag hebben gesloten en elk nog steeds de soevereiniteit over het hele schiereiland claimen.

Geografie
Afgezien van Noord-Korea is Japan het dichtstbijzijnde buurland van Zuid-Korea; tussen de zuidkust van Zuid-Korea en het Japanse eiland Kyushu ligt een kleine 200 kilometer zee. Ten westen van Zuid-Korea ligt de Gele Zee met aan de overkant de Volksrepubliek China. Ongeveer 70 procent van het Koreaanse schiereiland is bergachtig, met toppen waarvan de meeste de 1.000 meter niet te boven gaan. Het schiereiland wordt omgeven door ongeveer 2.900 eilanden, waarvan Chejudo met een oppervlakte van 1.100 km2 het grootste is.

Klimaat
Het Koreaanse klimaat is wat seizoenen betreft vergelijkbaar met het belgische, hoewel de winters er veel kouder en de zomers veel warmer kunnen zijn. In de hoofdstad Seoul ligt de gemiddelde temperatuur in de winter overdag tussen de 0°C en 3°C; in de zomermaanden varieert deze van 26°C tot 31°C. De meeste regen valt in de zomer. Het voor- en najaar hebben een aangename temperatuur.

Economische vooruitzichten
Zuid-Korea is de vierde grootste Aziatische economie (na Japan, China en India). In slechts vier decennia voltrok zich ‘het Mirakel op de Han rivier’. In de jaren '60 had het land nog een BBP vergelijkbaar met dat van een ontwikkelingsland. Vandaag is het een bijzonder sterke, exportgerichte marktspeler. Zuid-Korea is lid van de G20. Deze Aziatische tijger is 's werelds 10de grootste economie. In 2020 bedroeg het BBP van Zuid-Korea 1.638 miljard USD. Het BBP per inwoner in 2019 bedroeg 31.631 USD.

Verwachtingen
Korea verwacht vanaf 2022 een groei van ongeveer 3,0%. Maar de oorlog in Oekraine en de bijhorende schok op de grondstoffenmarkt en toeleveringsmarkt zorgen voor grote onzekerheid. Vermoedelijk valt de schok van de energieprijzen nog wel mee aangezien de koreaanse energiemarkt overheidsgestuurd is, waarbij Nucleaire energie en steenkool het grootste gewicht hebben. De onderliggende trends op vlak van baterijen, semi-con, digitalisering en health spelen allemaal in het voordeel van Korea.

Extra uitleg over Zuid-Korea. Klik hier

INDONESIË

Geografie
Indonesië is de grootste archipel ter wereld. Het land telt volgens de laatste satellietbeelden van 2003 februari, 18.110 eilanden, waarvan er ongeveer 6.000 zijn bewoond. Met deze laatste foto's moest de kustlijn worden herberekend van de geschatte 180.000 km naar 108.000 km. Het ligt tussen de Stille Zuidzee en de Indische Oceaan en vormt als het ware de brug tussen het Aziatische continent en Australië. De archipel strekt zich van oost naar west over een afstand van ongeveer 5.000 km uit langs de evenaar en van noord naar zuid over 2.000 km. Op het eiland Kalimantan (voorheen Borneo) grenst Indonesië aan Maleisië, op Papua (het vroegere Irian Jaya en het voormalig Nederlands Nieuw-Guinea) aan Papua Nieuw-Guinea. Over zee grenst het aan Maleisië, Singapore, Vietnam, de Filipijnen en Australië. De vijf grootste eilanden zijn: Sumatra, Java, tweederde van het eiland Kalimantan (de rest hoort toe aan Maleisië), Sulawesi en Papua. Het overwegend bergachtige land ligt in een streek die vulkanisch een van de actiefste ter wereld is. Er zijn 400 vulkanen, waarvan er nog ongeveer 70 actief zijn. De Krakatau is hiervan de beruchtste. De hoogste, met eeuwige sneeuw bedekte toppen bevinden zich op Papua, nog geen vijf graden van de evenaar.

Klimaat
De geografische ligging en het tropische klimaat zorgen voor een weelderige plantengroei op een vruchtbare bodem van vulkanische oorsprong. De temperatuur ligt gemiddeld op 26°C en varieert weinig gedurende het jaar. De gemiddelde maximumtemperatuur schommelt rond de 32°C, de gemiddelde minimumtemperatuur rond de 22°C. Het klimaat wordt beïnvloed door twee moessons, de noordoost- en de zuidwestmoesson. De noordoostmoesson beheerst het klimaat van mei tot september; deze maanden gelden als de min of meer droge periode. De tijd van de zuidwestmoesson, van oktober tot en met april, geldt als de regenperiode. Hoewel er het hele jaar sprake is van regenval, valt de meeste regen in december en januari (circa 400 mm). De regen is dan overvloedig en de luchtvochtigheidsgraad dienovereenkomstig hoog (75 tot 95 procent). De totale jaarlijkse regenval bedraagt gemiddeld 3.200 mm. De hoeveelheid neerslag varieert van eiland tot eiland, afhankelijk van de geografische ligging en hoogte. In de berggebieden valt aanzienlijk meer regen dan in de laagvlakten. De oostelijke eilanden krijgen beduidend minder regen dan de westelijke. Tweederde van het land is bedekt met dichte regenwouden, die op Sumatra en Kalimantan echter sterk worden aangetast door ontbossing.

Economische vooruitzichten
De economie ging 2022 in met goede vooruitzichten nadat de mobiliteitsbeperkingen van COVID-19 waren versoepeld in augustus. De inkoopmanagersindex van de maakindustrie ligt sinds september boven de expansiedrempel (+50); en het consumentenvertrouwen sinds oktober.
De detailhandelsverkopen waren sterk en de bestedingsindex van Bank Mandiri lag in februari 25% boven het niveau aan het begin van de pandemie. Hoewel de groeiprognoses in januari werden verlaagd voor de twee belangrijkste handelsactiviteiten van Indonesische partners, de Volksrepubliek China en de Verenigde Staten, lijkt het erop dat de particuliere consumptie en investeringen voldoende dynamiek zullen hebben om de export te vervangen als de belangrijkste groeimotor.
Er kwamen twee bedreigingen voor de groei naar voor: de ene intern, de andere extern. In januari veroorzaakte de Omicron-variant een derde golf van COVID-19-infecties. In februari begon de Russische invasie van Oekraïne.
Sinds januari landen er meer internationale vluchten op Bali.

Hogere grondstofprijzen zullen de lagere groei van het exportvolume compenseren en de lopende rekening in 2022 in evenwicht houden. De groei van het exportvolume zal afnemen, maar positief blijven, maar het effect van de daling zal worden gecompenseerd door hogere grondstofprijzen, inclusief nikkel en steenkool.
De export van diensten zal bescheiden groeien vanwege het nog steeds trage herstel van het internationale toerisme.

Extra uitleg over Indonesië. Klik hier.

TAIWAN

Geografie
Het eiland Taiwan is 394 km lang en op het breedste punt 144 km breed. Meer dan 60 procent van het landschap is bergachtig. Er zijn ruim 60 bergtoppen van meer dan 3.000 m, waarvan de Yu Shan (Mount Jade) met bijna 4.000 m de hoogste is. Meer dan de helft van het eiland is met bossen bedekt en voor de rest is nog geen kwart geschikt als bouwgrond. Tot Taiwan wordt ook een aantal kleinere eilanden gerekend, waaronder de Pescadores (met Penghu als grootste eiland) en enkele eilanden voor de kust van China, waarvan Matsu en Kinmen (ook wel Quemoy genoemd) de voornaamste zijn. Taiwan claimt tevens enkele eilanden in de Zuid-Chinese Zee.

Klimaat
Taiwan heeft een tropisch klimaat in het zuiden en is subtropisch in het noorden. De zomers zijn heet en vochtig en duren van mei tot oktober; de winters zijn meestal zacht en vochtig. De warmste maand in Taipei is juli met temperaturen van 28 tot 36°C. De koudste maand is februari met 12 tot 18°C.
Taiwan heeft te maken met twee moessonperiodes, één in het noordoosten (zes maanden van oktober tot maart) en één in het zuidwesten (vijf maanden van mei tot september). Het eiland ligt ook op het pad van tropische cyclonen (in Oost-Azië ‘typhoons’ genoemd), die vooral in de maanden juli, augustus en september voorkomen. Deze stormen veroorzaken vaak veel schade, vooral aan gewassen. Ze zijn echter ook de grootste bron van water voor Taiwan.
De gemiddelde jaarlijkse neerslag in Taipei is ruim 2.100 mm. De droogste maand is november met gemiddeld 66 mm neerslag; de natste maand is augustus met gemiddeld 305 mm.

Economische vooruitzichten
Taiwan blijft een van de 21 grootste economieën ter wereld qua omvang van het bbp op basis van koopkrachtpariteit en van de in- en uitvoer. En dat terwijl het eiland over weinig land en natuurlijke rijkdommen beschikt en geregeld door natuurrampen, zoals yfoons en aardbevingen wordt getroffen. Het onafhankelijke Taiwan heeft een dynamische kapitalistische economie die grotendeels steunt op industriële productie en vooral de export van halfgeleiders, elektronica, machines en petrochemische producten. Volgens de statistieken van de WHO was ongeveer 2% van de totale wereldwijde export afkomstig uit Taiwan, wat zeer opmerkelijk is, gezien de beperkte grootte van het land.

De economische groei hangt sterk samen met de export. Die is elk jaar goed voor ongeveer 70% van het bbp. Deze sterke afhankelijkheid van export stelt de economie bloot aan schommelingen in de wereldwijde vraag. In 2021 leek de pandemie het exportafhankelijke Taiwan ten goede te komen door veerkracht te tonen en de wereldwijde transitie naar een digitale economie te ondersteunen. De sterke binnen- en buitenlandse vraag naar halfgeleiders en andere hoogwaardige technische producten zorgde ervoor dat een groot deel van de Taiwanese ICT-industrie het in zowat heel 2021 prima bleef doen. Over het algemeen was de Taiwanese handel in goederen in 2021 uitzonderlijk goed. In totaal voerde Taiwan voor USD 381,49 miljard aan goederen in, 33,3% meer dan in 2021. Het voerde op jaarbasis 29,3% meer uit, goed voor een waarde van USD 446,38 miljard.

Extra uitleg over Taiwan. Klik hier.

Bestudeer eerst bovenstaande cursus.
IN ONDERSTAANDE GEGEVENS STAAN ER VAAK HYPERLINKS. KLIK ER OP EN LEES OOK DIE TEKSTEN.
ER WORDEN DAAR VRAGEN OVER GESTELD.

Antwoorden te halen uit bovenstaande gegevens. Selecteer het antwoord dat je het meest juist lijkt en/of vul in.

MEN KAN DE OEFENING OOK OPNIEUW MAKEN, DOOR MET DE RECHTERMUISTOETS OP HET SCHERM TE KLIKKEN EN DAN, INDIEN HET WOORD ER STAAT, IN HET GEOPENDE VENSTER TE KLIKKEN OP "VERNIEUWEN"