De mens gebruikt en misbruikt de natuurlijke elementen van zijn leefmilieu. Het natuurlijk milieu bepaalt het doen en laten van de mens. Ieder mens heeft een 4-tal grote behoeften: ETEN (VOEDING), WONEN, KLEDING, ONTSPANNING. De mens bouwt een woning. In die woning staan vele zaken, vervaardigd in een fabriek. Het zijn dus producten van de INDUSTRIE. Deze producten kwamen van de fabriek tot thuis met behulp van VERKEERSMIDDELEN. De mens woont ofwel in de STAD, ofwel op het PLATTELAND. Hij kan wonen in een DORP, in een VERSTEDELIJKTE GEMEENTE, in een INDUSTRIEGEMEENTE. In de stad is de BEVOLKINGSDICHTHEID zeer groot, op het platteland is ze klein. Voedsel is onmisbaar. De boer die aan LANDBOUW en VEETEELT doet zorgt voor dat eten. De mens kleedt zich dankzij natuurlijke en chemische vezels, vervaardigd in textielfabrieken. HANDEL drijven is noodzakelijk. Dankzij de VERKEERSMIDDELEN doet de mens aan RECREATIE en TOERISME.
Bestudeer eerst bovenstaande cursus. IN ONDERSTAANDE GEGEVENS STAAN ER VAAK HYPERLINKS. KLIK ER OP EN LEES OOK DIE TEKSTEN. ER WORDEN DAAR VRAGEN OVER GESTELD. Antwoorden te halen uit bovenstaande gegevens. Selecteer het antwoord dat je het meest juist lijkt en/of vul in.
MEN KAN DE OEFENING OOK OPNIEUW MAKEN, DOOR MET DE RECHTERMUISTOETS OP HET SCHERM TE KLIKKEN EN DAN IN HET GEOPENDE VENSTER, INDIEN HET WOORD ER STAAT, TE KLIKKEN OP "VERNIEUWEN"
Zie foto. Men ziet hier op de voorgrond een
Vuilnisbelt.
Waterleidingsbedrijf.
Nederzetting.
Landbouw.
Autoweg.
Stortberg.
Bos.
Mijnbouw.
Fabriek.
Zie foto. Men ziet hier een
Vuilnisbelt.
Waterleidingsbedrijf.
Nederzetting.
Landbouw.
Autoweg.
Stortberg.
Bos.
Mijnbouw.
Fabriek.
Zie foto. Men ziet hier een
Vuilnisbelt.
Waterleidingsbedrijf.
Nederzetting.
Landbouw.
Autoweg.
Stortberg.
Bos.
Mijnbouw.
Fabriek.
Zie foto. Men ziet hier
Vuilnisbelt.
Waterleidingsbedrijf.
Nederzetting.
Landbouw.
Autoweg.
Stortberg.
Bos.
Mijnbouw.
Fabriek.
Zie foto. Men ziet hier een
Vuilnisbelt.
Waterleidingsbedrijf.
Nederzetting.
Landbouw.
Autoweg.
Stortberg.
Bos.
Mijnbouw.
Fabriek.
Zie foto. Men ziet hier een
Vuilnisbelt.
Waterleidingsbedrijf.
Nederzetting.
Landbouw.
Autoweg.
Stortberg.
Bos.
Mijnbouw.
Fabriek.
Zie foto. Men ziet hier een
Vuilnisbelt.
Waterleidingsbedrijf.
Nederzetting.
Landbouw.
Autoweg.
Stortberg.
Bos.
Mijnbouw.
Fabriek.
Zie foto. Men ziet hier
Vuilnisbelt.
Waterleidingsbedrijf.
Nederzetting.
Landbouw.
Autoweg.
Stortberg.
Bos.
Mijnbouw.
Fabriek.
Zie foto. Men ziet hier een
Vuilnisbelt.
Waterleidingsbedrijf.
Nederzetting.
Landbouw.
Autoweg.
Stortberg.
Mijnbouw.
Bos.
Fabriek.
Zie grafiek totale landbouwoppervlakte in Vlaanderen voor het jaar 2022. Klik hier. Welke teelten overheersen?
Voedergewassen.
Akkerbouwgewassen
Tuinbouw.
Som de 4 basisbehoeften voor de mens op!
In het centrum van de stad Hasselt (België) staan de huizen DICHT BIJ ELKAAR / VER VAN ELKAAR.MAAK EEN KEUZE!
In je schoolomgeving staan bv. ongeveer 700 huizen op 2 km2. Bereken de woondichtheid! GETAL INTIKKEN.
België telde op 1 januari 2022, 4.612.284 gebouwen. op een totale oppervlakte van 30.528 km2! Geef de woondichtheid per vierkante km.
GEHEEL GETAL INTIKKEN. Afronden op de eenheid.
In de woning staan o.a. meubels, radiatoren enz... Deze zaken zijn meestal in een fabriek gemaakt. Het zijn producten van de:
Landbouw.
Mijnbouw.
Industrie.
In een gebouw zijn de volgende producten verwerkt: bakstenen, metalen balken, zand en kiezel (beton). Bakstenen worden meestal vervoerd per:
schip.
vliegtuig.
vrachtwagen.
trein.
Hoe noemt men de middelen (schip, trein, vrachtwagen)! Het zijn ..........middelen EEN WOORD INTIKKEN.
In een industriegemeente werken de meeste mensen in
de administratie.
de landbouw.
de handel.
fabrieken.
Hasselt telde 80.351 (01/01/2023) op een oppervlakte van 102 km2. Bereken de bevolkingsdichtheid! (Cijfers achter de komma weglaten).GEHEEL GETAL INTIKKEN. AFRONDEN OP DE EENHEID.
In België zijn de gebieden TEN NOORDEN / TEN ZUIDEN van de rivieren Samber en Maas het dichtst bevolkt.MAAK JE KEUZE!
De levensmiddelen die wij dagelijks eten, kopen we bij de:LANDBOUWER / WINKELIER / FABRIKANT.
De boer is de belangrijkste voortbrenger van de voedingsproducten die in het landelijk milieu aan akkerbouw (akkers) en aan __________ (runderen, varkens) doet. EEN WOORD INTIKKEN.
In onze kleding spelen zowel de landbouw als de industrie en de handel een belangrijke rol. De landbouw levert:
katoen en wol.
nylon en acrylvezel.
In onze kleding spelen zowel de landbouw als de industrie en de handel een belangrijke rol. De industrie levert:
katoen en wol.
acrylvezel en nylon.
De persoon die de goederen verkoopt en dus handel drijft noemt men een:
KIES UIT VOLGENDE WOORDEN: fabrikant, boer, bediende, handelaar